Een Newtonse vloeistof is een vloeistof (of gas) dat voldoet aan de visicositeitswet van Newton.
Sir Isaac Newton ontdekte de relatie tussen schuifspanning en stroming.

Dat wil zeggen dat wanneer de snelheid waarmee de lagen bewegen van een vloeistof (of gas), in dit geval olie, evenredig is met de schuifspanning in het schuifvlak, we spreken over een Newtonse vloeistof. Als de lagen sneller bewegen, dan spreken we over turbulentie.

Viscositeit definitie

Er is evenveel kracht nodig om plaat B te bewegen ten opzichte van plaat A als de schuifspanning van de vloeistof tussen de twee platen. Hoe meer kracht er op plaat B wordt geplaatst, hoe sneller deze zal beweging, waardoor de schuifspanning zal toenemen op een bepaald punt. Turbulentie. Belangrijk hierbij is dat de viscositeit van de vloeistof niet verandert.

Water is bijvoorbeeld zo’n Newtoniaanse vloeistof.

Honing daarentegen is een niet-Newtonse vloeistof. Dat betekent dat de viscositeit wél verandert bij het opdrijven van de schuifspanning. Deze vloeistoffen keren ook terug naar hun beginviscositeit.

vb: Roer met een lepeltje in een pot honing en je zal de weerstand voelen toenemen. Stop met roeren en alles wordt terug zoals voordien.